Reisverslag
merelkeijsers,
16 maart 2012
Sri Lanka
, negombo
26°
Ik zit in de bus. Pranita ronkt tevreden een paar plaatsjes verderop, na haar reispilletje in te hebben genomen; ik kijk naar buiten met een koptelefoon op mijn hoofd en probeer na vier uur hitte en reizen per auto, trein en bus wakker te blijven. Goddank staan de deuren open zodat de temperatuur na het opstarten van de bus daalt van 39 naar een verkoelende 35 graden. We waren gewaarschuwd voor een slechte weg, maar vergeleken met India valt het allemaal nog wel mee. Er zijn werkzaamheden aan de gang waardoor de bus wat slingert, maar daar houdt het wel mee op.
Ik denk aan eerdere busritten door Sri Lanka. Daar kwamen we langs strand, rijstvelden, bossen en bergen, kleine dorpjes of drukke steden. Een keer was de helft van de inzittenden in de bus blank. Hier is het landschap vlak en op de een of andere manier leger. Huisjes bestaan in het beste geval uit steen en golfplaat; in het slechtste geval is het een samenraapsel van modder, planken, doek, stukken plastic en golfplaat, uitgerolde olietonnen en palmbladeren. In Bangalore had ik het sloppenwijken genoemd, maar kun je dat woord nog gebruiken als een compleet dorp eruit is opgebouwd? Ze worden afgewisseld met commandoposten en met zandzakken verstevigde schuilhutten voor militairen. Terwijl we langs een bos rijden, wappert er een geelzwart lint tussen de bomen: niet betreden, mijnen. We passeren verscheidene borden die groot en glimmend verkondigen dat de mijnenopruimingsdienst van Europees land X samen met de regering van Sri Lanka hier de grond afspeurt naar overgebleven mijnen en munitie. Af en toe passeert er een vrachtauto met militairen; twee keer komt er een soort amfibievoertuig langsrijden. Ik ben de enige witkop in de wijde omtrek.
We zijn op weg naar Jaffna.
De stad ligt helemaal in het noorden van Sri Lanka en is tot zo’n twee jaar terug een complete chaos geweest, met hier en daar een kleine adempauze. Mijn lonely planet schrijft dat ten tijde van het publiceren er meer militairen dan inwoners in de stad leefden. En passant druk het boekje me op het hart om toch vooral alleen op duidelijk begaanbare paden te blijven lopen en niet zomaar door velden en bossen te gaan banjeren - overal liggen nog mijnen. Ten slotte volgt een geruststelling: de tamil tijgers hebben het zelden gemunt op burgers dus zolang je uit de buurt van militairen en hun gebouwen blijft zit je over het algemeen wel veilig.
Op de hoek van het huizenblok van ons gasthuis staan nog een paar muren overeind van een kerk. Door de hele stad zie je in muren en huizen witgrijze vlekjes of gaten zitten. Met een regelmaat van eens in de twee, drie huizenblokken staat er opeens alleen nog het omhulsel van een huis – een paar muren, met grote gaten waar de ramen hadden moeten zitten en zonder dak, prikkeldraad voor de toegang en overwoekerd door onkruid. Het fort in het centrum van de stad, door nederlanders gebouwd, heeft een aantal ronde inslagen onderin de muren zitten. Het heeft tot vierhonderd jaar na de bouwdatum nog dienst gedaan als strijdtoneel. Als we over de muren lopen zie ik dat ook hier er een lint hangt dat waarschuwt voor mijnen. Het voelt vreemd om na drie weken ruïnes van minstens driehonderd jaar oud te hebben bekeken, opeens tegenover een vergelijkbaar ingestort gebouw te staan dat er soms nog geen drie jaar geleden prima bij lag.
Het is nu al twee jaar rustig, maar de vraag is hoe lang dat zo blijft. De regering heeft de stad onder controle (min of meer) maar er heerst nog een sterk anti-Tamil gevoel in het zuiden van het eiland en bovendien beginnen er ook de eerste barsten te vormen in de regering zelf. De huidige president is druk bezig de democratie aan banden te leggen. Zijn halve familie zit in het parlement en het is de bedoeling dat zijn zoon hem op zal volgen als zijn maximumtermijn erop zit. Zijn geboorteplaats, een klein vissersdorpje, is inmiddels opgeluisterd met een vliegveld en een internationale haven. Een chauffeur vertelde ons in de buurt van Ella dat het volk zijn bedenkingen begint te krijgen bij de professionaliteit van de president en dat hij zelf hoopte op een Egyptische revolutie. Zou misschien handig zijn om corrupte bewindslieden uit het zadel te gooien, maar een nieuwe burgeroorlog lijkt dan voor de hand te liggen.
De mensen in Jaffna zijn aardig en zetten ons tegelijkertijd ongenadig af. Ik laat het zo’n beetje gebeuren, zolang het maar niet al te erg uit de hand loopt. Er zijn hier weinig toeristen en na bijna een halve eeuw praktisch in staat van oorlog te hebben geleefd, kunnen ze elke financiële bijdrage gebruiken. In ons gasthuis staat de laatste gast genoteerd voor een maand geleden.
Reageer op dit reisverslag

Net als Merel naar Sri Lanka?
Stel je reis naar Sri Lanka op maat samen bij KILROY travels. Dé reisspecialist voor jongeren, studenten en backpackers.
Plan je reis naar Sri Lanka
Reacties op bovenstaand reisverslag
16 maart 2012
Toch nog een Merelverhaal uit Sri Lanka
. Wat een omslag in sfeer in vergelijking tot het 'babyschildpadjes' Sri Lanka. Maakt het beeld van Sri Lanka wel completer waarschijnlijk, maar wel heftig om daar rond te lopen lijkt me. Gelukkig dat je iig niet bang hoeft te zijn voor die tijger 
Xxx!
Menu
Profiel
Huidige locatie:
Sri Lanka,
negombo


Reisvrienden
Fotoboek
Blijf op de hoogte
Ja, ik wil direct een e-mail ontvangen na elk nieuw reisverslag!
Mijn e-mailadres:
Via je mobieltje op de hoogte blijven van elk nieuw reisverslag? Stuur een sms
START FOLLOWING MERELKEIJSERS ON
naar 1008.
(€ 0,55 p.o.b. max.1 per dag. Lees de voorwaarden)
Nieuws
Dit dagboek heeft in totaal 6103 pageviews en is onderdeel van WaarBenJij.Nu
